FAQ

  • » Welke berekening past men toe voor het verankeren van kozijnen?
    • Volgens de KVT 1995 Katern 11 Aansluitingen gelden de volgende voorschriften:

      Rand- en hartafstanden     in mm in mm
      Uit de hoeken        > 200 < 300
      hartafstanden        > 400 < 600
      hartafstanden in de onderdorpel         
      lengte < 1400 m Hoek 90x90      > 500 < 750
      hartafstanden in de onderdorpel         
      lengte > 1400 mm zwaardere hoeken toepassen  > 600 < 1000


      Eigen gewicht van kozijnen: kozijn + glas + beslag ca. 50 kg/m2 Wind en zuiging beneden 20 meter
      boven maaiveld 1 kN//m2 Ankers FK / g3 =Fd 0,60 kN per stuk

      Voorbeeld berekening voor een kozijn van 2000 x 4000 (HxB):

      Belastingen:          
      Oppervlak     8,0 m2      
      Eigen gewicht   8,0 x  0,50 kN =  4,00 kN  
      Winddruk en -zuiging   8,0 x  1,00 kN = 8,00 kN  
                   
      Aantal ankers          
      Onderdorpel   1+ (4000 -( 2x200)/ 600) = 7
      Stijlen     1+ (2000 -(2x200)/ 600) = 8
      Bovendorpel   1+ (4000 -(2x200)/ 600) = 7  +
      Totaal aantal ankers       totaal = 22
       
      Controleberekening:
      Eigengewicht (onderdorpel)      4,00 kN / 7 ankers   =     0,57 kN per anker
      Windbelasting (rondom)             8,00 kN / 22 ankers =     0,36 kN per anker


      Conclusie:
      Indien voldaan aan de KVT-95 en NPR regels als genoemd, zijn de navolgende ankers zonder berekening toepasbaar: Hoekanker 90x90, 60 x > 2,0 < 2,5 Bevestiging in kalkzandsteen of beton bijvoorbeeld met: 2 stuks Z1-klisjesnagels ø 4,5 x 40: voorboren ø 4,0 x 50 (in steen niet in de hamer stand) Bevestiging in hout: 3 gripankernagels 3,8 x 32 mm.

      Opmerking:
      De bevestiging in het achterliggend materiaal: beton, kalkzandsteen, gasbeton etc. Belasting: Fd = 0,60 kN per anker. De keuze voor het bevestigingsmiddel is dus afhankelijk van het achterliggend materiaal. De bovengenoemde Z1-klisnagel voldoet bij kalkzandsteen en beton bij toepassing van minimaal 2 nagels ruimschoots aan de eis Fd = 0,60 kN per hoekanker.  
  • » Wat is de invloed van een spouwanker op de Rc-waarde van een constructie?
    • Spouwankers worden niet meegenomen in de berekening van de Rc-waarde van de constructie. Terwijl de invloed groot kan zijn:

      Voorbeeld: Rc-waarde prefab gevelelement met stalen spouwankers

      Het binnenspouwblad van een prefab gevelelement zal met het buitenspouwblad moeten worden gekoppeld voor de stabiliteit van de buitengevel. Spouwankers zijn meestal gemaakt van staal en vormen dus puntvormige koudebruggen in de prefab gevelelementen. De koudebruggen van de spouwankers moeten in rekening worden gebracht bij de ? waarde van het isolatiemateriaal.

      Gegeven
      Het buitenspouwblad uit het voorbeeld "Rc-waarde prefab gevelelementen" wordt bevestigd met 4 stalen spouwankers per m2 rond 4mm aan het binnenspouwblad.
      De Rc-waarde van de stalen spouwanker bedraagt 50 W/mK.

      Gevraagd
      De gecorigeerde Rc-waarde van het isolatiemateriaal en de Rc-waarde van de prefab gevelelement.

      Oplossing
      We gaan nu bepalen wat de oppervlakte van de stalen spouwankers in 1 m2 isolatiemateriaal is. De oppervlakte van een stalen spouwanker bedraagt:
       
      Aspouwanker = 0,000012566 m2
      Aspouwanker van 4 spouwankers (4 spouwankers in 1 m2 isolatiemateriaal) wordt dan
      0,000012566 . 4 = 0,000050265 m2
      Voor het isolatiemateriaal blijft dan een oppervlakte over van 1 m2 - 0,000050265 m2 = 0,999949 m2

      De gecorrigeerde Rc-waarde van het isolatiemateriaal wordt aangegeven met Rc.
      Rc wordt dan 0,000050265 . 50 + 0,999949 . 0,24 = 0,026512 W/mK.

      Als we nu deze Rc-waarde invullen in de formule om de Rc-waarde te berekenen dan bedraagt de Rc-waarde van de prefab gevelelementen:

      Conclusie
      Indien de prefab gevelelementen worden voorzien van stalen spouwankers voldoen de elementen niet aan de Bouwbesluit eis van 2,5 m2K/W. De invloed van de stalen spouwankers in een constructie is dus aanzienlijk. Spouwankers moeten altijd worden meegenomen in een Rc-berekening. In de praktijk wordt dat vaak onterecht niet gedaan.
      Naast stalen spouwankers kunnen ook RVS (roestvaststaal) spouwankers worden toegepast. Deze spouwankers hebben een Rc-waarde van 15 W/mK dat aanzienlijk lager is dan de stalen spouwankers
      (Rc = 50 W/mK). Zouden we in de prefab gevelelementen de RVS spouwankers toepassen met een Rc-waarde van 15 W/mK, dan wordt een Rc-waarde berekend van 2,44 m2K/W. Al een stuk gunstiger dan stalen spouwankers, maar ook in dat geval voldoen de prefab gevelelementen niet aan de Bouwbesluit eis van 2,5 m2K/W.
  • » De keuze van het juiste spouwanker?
    • In de loop der jaren zijn met het ontstaan van nieuwe stapeltechnieken ook aangepaste spouwankers ontwikkeld.
      Kies het juiste type:
      a. voor het fixeren van zachte platen isolatiemateriaal: ankers met verschuifbare klemschijven;
      b. voor gebruik bij een gelijmd binnenspouwblad: Prikankers;
      c. voor gebruik bij gelijmd binnen- én gelijmd buitenspouwblad: Prefab Lijmspouwankers;
      d. ter bescherming tegen agressieve stoffen (bijvoorbeeld chloriden in kuststreken): ankers met een hogere corrosiebestendigheid.

      Let op:.
      De dikte van de isolatie alsmede de luchtspouw zijn bepalend voor de lengte van het anker.
  • » Spouwankers in roestvast staal?
    • Met de brochure DUURZAAMHEID SPOUWANKERS een uitgave van de Stichting BouwResearch, Rotterdam, januari 1996, wil het SBR de aandacht vestigen op het spouwanker als niet onbelangrijk onderdeel van de gevelconstructie. Nadruk ligt daarbij op de duurzaamheid, in relatie met de veranderde eisen waaraan de gevelkonstructie en dus het spouwanker moeten voldoen. Achtereenvolgens besteedt de brochure aandacht aan:
      • Keuze-aspecten van spouwankers;
      • Kwaliteit en typen ankers in relatie tot de toepassing;
      • Duurzaamheid van spouwankers in relatie tot de toepassing;
      • Detektietechnieken en herstelmethoden.

      Slotconclusie.
      Uit de brochure komt duidelijk naar voren dat herstelmaatregelen als gevolg van corroderende spouwankers tamelijk ingrijpend zijn. Het resultaat van de werkzaamheden is meestal zichtbaar in de buitengevel, in de vorm van kleurverschil in stenen of voegwerk. Mede gelet op de kosten van detectie- en herstelmaatregelen is meer aandacht voor de duurzaamheid van spouwankers in de nieuwbouwfase gewenst.

      Uitgangspunt dient te zijn dat een spouwanker 50 tot 100 jaar mee moet, ongeacht de omgeving waarin het gebouw staat. De beste manier is om deze prestatie-eis in een norm of in een beoordelingsrichtlijn op te nemen. In de praktijk zou het er op neer komen dat dan alleen roestvast stalen AISI 316 (A4) spouwankers worden toegestaan.